haradatangen

Vreedzaam ...

Boeddhisme staat voor geweldloosheid en een vreedzame samenleving.

April sesshin

Vr 2 t/m do 8 april
meer info / inschrijven

home / Publicaties / Harada Tangen Roshi / 1992 / Teisho Mei 1 (pagina 1 van 3)

Teisho Mei 1 (1992)

door Harada Tangen Roshi, Bukkoku-Ji

Dit is de eerste dag van deze sesshin. Daarom zal ik het hebben over op welke manier je toegang kunt krijgen tot het beoefenen van zazen (medi­ta­tie) en over wat de essentie van zazen is.

Eerst de bron van groot geloof.
Groot geloof.
Diep geloof.

Het groot is niet een 'groot' of een 'diep' wat te beredeneren valt. Het is niet een groot tegenover een klein.
Het is bodemloos groot, het groot wat groots is.
Als je het zou willen vergelijken, als je denkt dat je door het te vergelijken bij nog iets groters kunt uit komen, dan heb je het verkleind, kleiner gemaakt. Dit groot is perfect zonder gebre­ken. Geloof, geloof in de woorden van Boeddha, het accepteren met je hele hart datgene wat Sakjamuni Boeddha onder­wees. Gelo­ven dat de betekenis van dit geloof een geloof zonder condi­ties is, zonder een "maar of als", dat dit geloof een onvoorwaarde­lijk geloof is.

Vervolgens is er ook nog het woord bron, de bron van groot ge­loof.
Bron: De hele wereld, het universum, bodemloze complete waar­heid.
Werkelijk geloven dat Sakjamuni Boeddha zich aan ons open­baart. Zonder beperkingen, daarom zeggen we bron. Wat er ook gebeurt, een rotsvast onwrikbaar geloof. De bron van groot geloof. Geloof waarin? Wat openbaarde Boeddha voor ons?

Als je hier, op deze wereld, als je wordt geslagen, dan is er pijn.
En deze wereld, die niet te ont­kennen valt, is fris en groen.

De 29e is uitge­roe­pen tot 'Groen Dag', een aardige gedachte. Een veelheid van groen, een groen universum, fris en nieuw. Dit leven, zoals het is, is waar­heid zoals het is. Er valt niets aan toe te voegen en niets vanaf te halen.

Onvernietig­baar. Het is zoals het is. Elke dag zoals die zich voltrekt, elk moment zoals het zich voordoet. Onge­acht de vorm, onge­acht hoe het zich aan­dient. Daarom zeggen we dat ieder wezen, ongeacht groot of klein, wordt geboren als deel van het onlos­makelijk geheel. Bergen en oceanen, één korreltje zand, iedere korrel zand. Ligt deze ene zandkorrel niet in een berg zand­korrels?

Is deze korrel niet in harmonie met alles en ieder­een? Is deze korrel zand niet in harmonie met zichzelf? In relatie tot al het andere is het ene gebo­ren. Het ene wordt geboren, komt voort uit een rela­tie tot alle dingen. De grote oceaan, schep hem op in je hand, druppel na druppel grote oceaan.

De totale oceaan in één druppel water. Elk ding is geboren in relatie tot het andere. Er is niets te vinden, geen enkele vorm, geen enkele gebeurte­nis, geen enkel wezen dat zich buiten deze realiteit bevindt. Sommigen zeggen: "Ja, maar ik ben niet afhankelijk van iemand anders." Nee? Waar kom je dan vandaan? Je zit hier nu, be­schermd door en dankzij alles in het uni­ver­sum. Je ont­vangt alles voor eeuwig en altijd. Ben je soms geen kostbare per­soon, een unieke onvervangbare persoonlijkheid? Eén met het geheel, het ene is geboren in relatie tot alles.

De kraai roept "ka, ka", een grappige kleine kraai zingt zijn krassen­de lied voor ons. Op dat zelfde moment worden we één met het gekras van de kraai. Wat zei Sakjamuni? Sakjamuni zei: alle wezens zijn Boeddha. Maar nu, op dit moment, voel je je van alles geschei­den alles staat op zich en je gaat gebukt onder dualiteit.
Al je lijden en pijn komt voort uit je idee van duurzaamheid, het idee dat alles wat je ziet duurzaam en solide is.
De pijn is het gevoel niet vrij te zijn.

Met het 'grote ontwaken' ver­dwijnt de pijn, het besef van dualiteit, het gevoel niet vrij te zijn in een oogwenk. En de bodemloze vriendelijkheid van het universum manifesteert zich aan je. Daarom zei Sakjamuni Boeddha: Alles, alle wezens, niets is onzuiver. Alle wezens, alles is oorspron­kelijk en 'Boeddha-wijsheid','Boeddha-natuur'. Boeddha de meester overal en altijd in welke vorm het ook verschijnt, Boeddha is onver­nietig­baar, is louter perfectie. Boeddha... dat ben je al, het Boeddhaschap is al van jou, Boeddha de onmetelijke, de onuit­puttelijke voorraadkamer, de schatbewaarder. Alles wat je zoekt dat is, is altijd al van jou geweest, totaal, niets ont­breekt. Tja, maar wat moet je er mee, vormt het een probleem voor je? volgende pagina